Indapamide

Indapamide is een thiazide-gerelateerd diureticum dat de bloeddruk verlaagt door verminderde natriumreabsorptie in de distale niertubulus en directe vaatverwijdende werking.

Het CBG heeft indapamide geregistreerd voor de behandeling van essentiële hypertensie.

Vergeleken met klassieke thiazidediuretica heeft indapamide minder nadelige effecten op het lipiden- en glucosemetabolisme, wat het tot een gunstige keuze maakt bij patienten met risicofactoren voor hart- en vaatziekten.

Wilt u Indapamide kopen zonder recept?

Via Prescriptsy kunt u Indapamide bestellen met een online consult. Onze erkende partnerapotheken leveren originele medicijnen met discrete verzending.

Indapamide on Prescriptsy

Indapamide wordt op Prescriptsy beschreven als onafhankelijke productinformatie.

U leest hier hoe online consultatie werkt, welke medische controles partnerklinieken uitvoeren en welke factoren u kunt vergelijken voordat u een aanbieder kiest.

Wij verkopen zelf geen medicatie, maar helpen u erkende zorgpartners te vergelijken op prijs, leveringssnelheid, service en betrouwbaarheid.

Indapamide is een thiazide-gerelateerd diureticum dat behoort tot de farmacologische klasse van de sulfonamide-derivaten.

Het middel verlaagt de bloeddruk via twee werkingsmechanismen: verminderde natriumreabsorptie in de distale niertubulus en directe vaatverwijdende werking op de gladde spiercellen van de bloedvatwand.

In Nederland is indapamide door het Geneesmiddelenbeoordelingscentrum (CBG) geregistreerd voor de behandeling van essentiële hypertensie.

De NHG-standaard Cardiovasculair Risicomanagement noemt thiazide(achtige) diuretica als eerstekeusmiddelen bij de medicamenteuze behandeling van hypertensie, naast ACE-remmers en calciumantagonisten.

Indapamide heeft ten opzichte van klassieke thiazidediuretica zoals hydrochloorthiazide het voordeel van minder ongunstige effecten op het glucose-, lipiden- en urinezuurmetabolisme bij therapeutische doses.

Prescriptsy biedt online consultaties door CBG-geregistreerde artsen voor hypertensie en cardiovasculaire risicobehandeling. Aanverwante middelen vindt u op onze pagina's over Irbesartan en Lisinopril.

Werkzame stof en farmacologische classificatie van indapamide

Indapamide (chemische naam: 4-chloor-N-(2-methyl-1-indolinyl)-3-sulfamoylbenzamide) is een sulfonamide-derivaat met thiazide-achtige diuretische eigenschappen.

Het middel behoort tot dezelfde farmacologische familie als hydrochloorthiazide en chloortalidone maar heeft een uniek structureel profiel dat bijdraagt aan zijn bijzondere werkingsmechanisme.

De molecuulstructuur omvat een methylindoline-groep die verantwoordelijk is voor de vaatverwijdende eigenschappen.

Indapamide is een lipofiel geneesmiddel met een hoge eiwitbinding (meer dan 70 procent aan albumine in de bloedvaatwand). De biologische beschikbaarheid na orale inname is ongeveer 93 procent.

De halfwaardetijd bedraagt 14 tot 18 uur, wat eenmaal daagse dosering mogelijk maakt met 24 uur bloeddrukcontrole.

De werkzame stof wordt grotendeels in de lever gemetaboliseerd en via de nieren uitgescheiden als metabolieten.

In de farmacologische literatuur wordt indapamide onderverdeeld in twee werkingscomponenten: het diuretische effect (via NCC-blokkade in de distale tubulus) en het directe vaatverwijdende effect (via calciumantagonisme in de gladde spiercellen van de vaatwand).

Bij de therapeutische doses die worden gebruikt voor hypertensiebehandeling (1,5-2,5 mg per dag) overheerst het vaatverwijdende effect, terwijl het diuretische effect minimaal is.

Dit onderscheidt indapamide van klassieke thiazidediuretica, waarbij het diuretische effect prominenter is bij lage doses.

Hoe werkt indapamide bij bloeddrukbehandeling?

De regulatie van de bloeddruk is een complex samenspel van hartminuutvolume, perifere vaatweerstand, hormonen (renine-angiotensine-aldosteronsysteem, catecholaminen, natriuretische peptiden) en nierfunctie. Indapamide grijpt aan op twee sleutelmechanismen in dit systeem.

Het eerste mechanisme is remming van de natriumchloride-cotransporter (NCC, ook wel NCCT of SLC12A3 genaamd) in de luminale membraan van cellen van de distale gekronkelde tubulus.

Blokkade van de NCC vermindert de reabsorptie van natriumchloride, wat leidt tot toegenomen uitscheiding van natrium en water in de urine.

Dit vermindert het circulerende bloedvolume en het hartminuutvolume, wat op zijn beurt de bloeddruk verlaagt.

Naast natrium leidt NCC-blokkade tot toegenomen uitscheiding van kalium en magnesium, wat de basis vormt voor de elektrolytbijwerkingen van alle thiazide(achtige) diuretica.

Het tweede mechanisme is directe vaatverwijding door remming van calciuminstroom via spanningsafhankelijke calciumkanalen in de gladde spiercellen van de arteriolenwand.

Dit vermindert de perifere vaatweerstand, wat direct bijdraagt aan bloeddrukdaling.

Dit vaatverwijdende effect is bij indapamide relatief sterker dan bij klassieke thiazidediuretica, waardoor de antihypertensieve werking wordt bereikt bij doses waarbij het diuretische effect nog minimaal is.

Klinische studies, waaronder de HYVET-studie (Hypertension in the Very Elderly Trial), hebben aangetoond dat indapamide (1,5 mg gereguleerde afgifte, al dan niet gecombineerd met perindopril) het risico op cardiovasculaire events, beroerte en totale mortaliteit significant vermindert bij oudere patienten met hypertensie.

HYVET is de enige grote gerandomiseerde studie die overtuigend cardiovasculaire bescherming heeft aangetoond bij patienten ouder dan 80 jaar, wat de rol van indapamide in de behandeling van hypertensie bij ouderen heeft versterkt.

Indicaties voor indapamide in Nederland

Het CBG heeft indapamide geregistreerd voor de volgende indicaties:

  • Essentiële hypertensie: indapamide is geregistreerd als monotherapie en als onderdeel van combinatietherapie bij de behandeling van verhoogde bloeddruk (systolisch boven 140 mmHg en/of diastolisch boven 90 mmHg bij patienten zonder diabetes of chronische nierziekte).
  • Hypertensie bij ouderen: specifiek de gereguleerde-afgifte-formulering is bestudeerd bij ouderen in de HYVET-studie en heeft bewezen cardiovasculaire bescherming bij patienten ouder dan 80 jaar.

Off-label wordt indapamide soms gebruikt bij hartfalen met volume-overbelasting en bij nefrogeen diabetes insipidus, maar deze indicaties zijn niet CBG-geregistreerd en worden niet routinematig aanbevolen.

Metabole voordelen van indapamide ten opzichte van klassieke thiazidediuretica

Een van de onderscheidende kenmerken van indapamide ten opzichte van hydrochloorthiazide en chloortalidone is het gunstigere metabole profiel bij therapeutische doses.

Klassieke thiazidediuretica zijn geassocieerd met dose-gerelateerde ongunstige effecten op de koolhydraathuishouding (verhoogde insulineresistentie, nuchter glucose en HbA1c), het lipidenspectrum (verhoogde triglyceriden, verlaagd HDL-cholesterol) en urinezuurmetabolisme.

Meerdere klinische studies en meta-analyses hebben aangetoond dat indapamide bij therapeutische doses (1,5-2,5 mg per dag) geen significante effecten heeft op nuchtere bloedglucose of HbA1c bij patienten met of zonder diabetes mellitus type 2.

Ook de effecten op totaalcholesterol, LDL-cholesterol en triglyceriden zijn bij indapamide minimaal in vergelijking met hydrochloorthiazide. Dit maakt indapamide bijzonder geschikt voor:

  • Patienten met diabetes mellitus type 2 of prediabetes bij wie glucosemetabolisme relevant is
  • Patienten met dyslipidemie of het metabool syndroom
  • Patienten met jicht of verhoogd urinezuur, waarbij indapamide bij lage doses minder hyperurikemie veroorzaakt dan hydrochloorthiazide
  • Patienten met cardiovasculaire risicofactoren waarbij metabole bijwerkingen de behandeldoelen kunnen ondermijnen

Dosering en toediening van indapamide

Indapamide is beschikbaar als tablet met standaardafgifte (2,5 mg) en als tablet met gereguleerde afgifte (1,5 mg).

Beide formuleringen zijn geschikt voor eenmaal daagse dosering, bij voorkeur 's morgens.

De 2,5 mg tablet met standaardafgifte leidt tot iets hogere piekconcentraties en is beschikbaar als generiek preparaat en als merknaam (Natrilix).

De 1,5 mg gereguleerde-afgifte-tablet (Natrilix SR) zorgt voor een vlakkere plasmaconcentratiecurve over 24 uur.

De tabletten dienen ongekaauwd te worden doorgeslikt met water.

Het tijdstip van inname ('s morgens of 's avonds) is in principe vrij, maar inname 's morgens verdient de voorkeur om nachtelijke mictie te minimaliseren.

Inname met of zonder voedsel heeft geen klinisch significante invloed op de biologische beschikbaarheid.

Bij onvoldoende bloeddrukcontrole na vier weken monotherapie dient de combinatie met een andere antihypertensieve klasse te worden overwogen.

Ophogen van de indapamide-dosis boven de aanbevolen dosering vergroot de kans op elektrolytverstoringen zonder aanvullende bloeddrukdaling.

Combinatie met een ACE-remmer (perindopril, ramipril) is farmacologisch synergetisch en klinisch goed gedocumenteerd, mede door de ADVANCE- en HYVET-studies.

Elektrolytencontrole bij indapamide

Indapamide kan net als alle thiazide(achtige) diuretica leiden tot verlies van kalium, natrium en magnesium via de urine.

Hypokaliemie (serumkalium onder 3,5 mmol/l) is de meest klinisch relevante elektrolytstoornis. Milde hypokaliemie is doorgaans asymptomatisch maar kan leiden tot spierzwakte, krampen, vermoeidheid en constipatie.

Ernstige hypokaliemie (serumkalium onder 3,0 mmol/l) vergroot het risico op ventriculaire hartritmestoornissen, met name bij patienten met hartfalen, die digoxine gebruiken of die gelijktijdig andere QT-verlengende middelen innemen.

Hyponatriemie (serumnatrium onder 135 mmol/l) is minder frequent maar klinisch relevant, met name bij ouderen en vrouwen.

Symptomen van hyponatriemie omvatten misselijkheid, hoofdpijn, verwardheid en in ernstige gevallen bewustzijnsdaling en convulsies. Bij een serumnatrium onder 125 mmol/l is onmiddellijk medisch ingrijpen vereist.

Aanbevolen monitoring voor en tijdens indapamide-gebruik: bepaling van kalium, natrium, magnesium, creatinine en eGFR voor het starten, na 2-4 weken en vervolgens 1-2 maal per jaar bij stabiele patienten. Bij risicogroepen (ouderen, hartfalen, leverziekte, combinatie met andere diuretica) frequenter controleren.

Geneesmiddeleninteracties van indapamide

Indapamide heeft een aantal klinisch relevante geneesmiddeleninteracties die bij het voorschrijven in acht dienen te worden genomen:

  • Lithium: indapamide vermindert de renale klaring van lithium door volumedepletie, waardoor de lithiumspiegel stijgt en het risico op lithiumtoxiciteit vergroot. Combinatie dient te worden vermeden of vereist nauwgezette lithiumspiegelbepaling.
  • QT-verlengende middelen: combinatie van indapamide met antiaritmica (amiodaron, sotalol, kinidine, disopyramide) of andere QT-verlengende geneesmiddelen vergroot het risico op ventriculaire aritmie (torsades de pointes) bij gelijktijdige hypokaliemie.
  • Digoxine: hypokaliemie door indapamide vergroot de toxiciteit van digoxine. Monitor kalium en digoxinespiegels bij combinatie.
  • NSAIDs: niet-steroïde anti-inflammatoire geneesmiddelen (met name indomethacine, maar ook ibuprofen en diclofenac) kunnen de antihypertensieve werking van indapamide verminderen en het risico op acute nierinsufficiëntie vergroten, met name bij volumedepletie.
  • Kaliuretische steroïden: corticosteroïden, tetracosactide en hoge doses mineralocorticoïden verhogen het kaliuverlies door indapamide.
  • Kaliumsparende diuretica en kaliumsupplementen: bij combinatie met renine-angiotensine-aldosteronstelselremmers (ACE-remmers of ARB's) en kaliumsparende diuretica of kaliumsupplementen bestaat het risico op hyperkaliemie. Elektrolytencontrole is vereist.

Bijzondere populaties: ouderen, zwangere vrouwen en patienten met nierproblemen

Ouderen vormen een bijzondere risicogroep bij het gebruik van indapamide. De nierfunctie neemt fysiologisch af met de leeftijd, waardoor elektrolytstoornissen sneller kunnen optreden en langer kunnen aanhouden.

Orthostatische hypotensie is bij ouderen meer uitgesproken en verhoogt het valrisico met mogelijk ernstige gevolgen (heupfractuur).

Begin bij ouderen met de laagste beschikbare dosis (1,5 mg gereguleerde afgifte) en evalueer de bloeddrukrespons, elektrolyten en nierfunctie na 2-4 weken.

Bij zwangerschap is indapamide niet aanbevolen. Diuretica kunnen het circulerende volume verminderen en daarmee de placentaperfusie en foetale bloedstroom negatief beinvloeden.

Hypertensie in de zwangerschap dient te worden behandeld met specifiek voor zwangerschap geregistreerde middelen zoals labetalol, nifedipine of methyldopa, onder begeleiding van een gynaecoloog of internist.

Bij het ontdekken van een zwangerschap dient indapamide te worden gestaakt.

Bij ernstige nierinsufficiëntie (eGFR onder 30 ml/min/1,73 m2) is indapamide gecontra-indiceerd omdat thiazide(achtige) diuretica bij sterk verminderde nierfunctie niet meer effectief zijn als diureticum en het risico op elektrolytverstoringen onacceptabel hoog is.

Lisdiuretica (furosemide, torasemide) zijn dan de voorkeur bij diuretische behandeling.

Vergoeding en verkrijgbaarheid in Nederland

Indapamide is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar (UR-geneesmiddel). Het middel valt onder de basisverzekering (Zorgverzekeringswet) en is opgenomen in het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS).

Patienten betalen eventueel eigen risico (standaard 385 euro per jaar). Generieke indapamide (2,5 mg standaardafgifte) is breed verkrijgbaar bij alle openbare apotheken in Nederland, geregistreerd bij de KNMP.

De gereguleerde-afgifte-formulering (Natrilix SR 1,5 mg) is eveneens via de apotheek verkrijgbaar.

Het CBG houdt toezicht op de registratie en veiligheid van indapamide in Nederland. Patienten en zorgverleners kunnen bijwerkingen melden bij Lareb (lareb.nl).

De IGJ (Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd) houdt toezicht op de kwaliteit van zorg bij de behandeling van hypertensie.

Prescriptsy werkt uitsluitend met BIG-geregistreerde artsen en KNMP-geregistreerde apotheken die voldoen aan alle Nederlandse wet- en regelgeving.

Vergelijking met andere antihypertensiva bij hypertensie

De behandeling van hypertensie is gebaseerd op internationale richtlijnen (ESC/ESH 2018, NHG-standaard CVR) die een stapsgewijze aanpak aanbevelen. De vier grote klassen eerstekeusmiddelen zijn: ACE-remmers en ARB's (renine-angiotensinestelselremmers), calciumantagonisten van het dihydropyridine-type (amlodipine, lercanidipine) en thiazide(achtige) diuretica (indapamide, hydrochloorthiazide, chloortalidone).

Ten opzichte van ACE-remmers en ARB's: indapamide verlaagt de bloeddruk effectief maar heeft geen directe orgaanprotectieve effecten op de nieren bij diabetische nefropathie (waarvoor ACE-remmers en ARB's de voorkeur genieten).

Indapamide veroorzaakt geen hoest (een veelvoorkomende bijwerking van ACE-remmers) en geen angio-oedeem.

Ten opzichte van calciumantagonisten: indapamide heeft minder risico op perifeer oedeem (enkel-oedeem), een frequente bijwerking van amlodipine en andere dihydropyridine-calciumantagonisten. Echter, bij coronairlijden zijn calciumantagonisten aanvullend beschermend.

Ten opzichte van bètablokkers: indapamide is bij niet-gecompliceerde hypertensie effectiever en heeft minder metabole bijwerkingen dan niet-cardioselectieve bètablokkers. Bètablokkers hebben de voorkeur bij hypertensie gecombineerd met hartfalen, angina pectoris of een doorgemaakte hartinfarct.

Combinatietherapie met indapamide en een ACE-remmer (met name perindopril) is ondersteund door grote klinische studies (ADVANCE, HYVET, PROGRESS) en wordt aanbevolen in de NHG-standaard als stap-2 behandeling bij onvoldoende respons op monotherapie.

Medische informatie

{"storage": "Bewaren beneden 25 graden Celsius, droog en beschermd tegen licht. Buiten bereik van kinderen bewaren.", "mechanism": "Indapamide blokkeert de natriumchloride-cotransporter (NCC) in de distale gekronkelde tubulus van de nier, vergelijkbaar met thiazidediuretica. Hierdoor neemt de natriumreabsorptie af, wat leidt tot verminderd plasmavolume en bloeddrukdaling. Daarnaast heeft indapamide directe vaatverwijdende eigenschappen door remming van calciuminstroom in gladde spiercellen van de bloedvatwand, wat bijdraagt aan de antihypertensieve werking onafhankelijk van het diuretische effect. Bij lage doses (1,5-2,5 mg) overheerst de vaatverwijdende werking; het diuretische effect is dan minimaal. Indapamide is lipofiel en heeft een lange halfwaardetijd van 14-18 uur, waardoor eenmaal daagse dosering volstaat. In tegenstelling tot hydrochloorthiazide heeft indapamide bij therapeutische doses geen klinisch significante effecten op totaalcholesterol, LDL-cholesterol, triglyceriden of nuchtere glucose, wat het bijzonder geschikt maakt voor patienten met metabole risicofactoren.", "drug_class": "Thiazide-gerelateerd diureticum (sulfonamide-derivaat)", "monitoring": ["Serumelektrolyten (kalium, natrium, magnesium) bij start, na 2-4 weken en vervolgens 1-2 maal per jaar", "Nierfunctie (creatinine, eGFR) en bloeddruk regelmatig controleren", "Glucose en urinezuur bij risicogroepen (diabetes, jicht)", "ECG bij patienten met hartritmstoornissen of bij combinatie met QT-verlengende middelen"], "indications": ["Essentiële hypertensie (primaire behandeling of combinatietherapie)", "Oedeem bij hartfalen (off-label, minder gangbaar dan lisdiuretica)"], "dosage_range": "1,5 mg (gereguleerde afgifte) tot 2,5 mg eenmaal daags oraal. Hogere doses (5 mg) verhogen het diuretisch effect maar niet de antihypertensieve werking en worden niet aanbevolen.", "administration": "Oraal innemen, bij voorkeur 's morgens om nachtelijke mictie te minimaliseren. Tabletten ongekaauwd doorslikken met water. Kan met of zonder voedsel worden ingenomen.", "dutch_guidelines": "CBG-geregistreerd; NHG-standaard Cardiovasculair risicomanagement: thiazide(achtige) diuretica zijn eerstekeusmiddelen bij hypertensie naast ACE-remmers en calciumantagonisten; NHG vermeldt indapamide als equivalent aan hydrochloorthiazide met beter metabolisch profiel; KNMP-richtlijn adviseert elektrolytencontrole bij start en aanpassing", "active_ingredient": "Indapamide", "contraindications": ["Overgevoeligheid voor indapamide, andere sulfonamiden of een van de hulpstoffen", "Ernstige nierinsufficiëntie (eGFR onder 30 ml/min/1,73 m2)", "Ernstige leverinsufficiëntie of hepatische encefalopathie", "Hypokaliemie (serumkalium onder 3,4 mmol/l)", "Gelijktijdig gebruik van geneesmiddelen die QT-verlenging geven in combinatie met bestaande hypokaliemie", "Zwangerschap (niet geregistreerd)"], "pregnancy_category": "Niet aanbevolen tijdens zwangerschap; diuretica kunnen foetale ischemie veroorzaken door vermindering van het plasmavolume"}

Dosering

Indapamide is in Nederland beschikbaar als tabletten met standaardafgifte (2,5 mg) en als tabletten met gereguleerde afgifte (1,5 mg). Beide formuleringen zijn eenmaal daags te doseren. Standaardtablet (2,5 mg): de gebruikelijke dosering is 2,5 mg eenmaal daags, bij voorkeur 's morgens. Bij onvoldoende bloeddrukcontrole na vier weken dient de klinische situatie opnieuw te worden beoordeeld; verhogen van de dosis boven 2,5 mg per dag vergroot het diuretische effect maar leidt niet tot verdere bloeddrukdaling en verhoogt het risico op elektrolytstoornissen. Tablet met gereguleerde afgifte (1,5 mg): de gebruikelijke dosering is 1,5 mg eenmaal daags 's morgens. De gereguleerde-afgifte-formulering is ontworpen om een constanter plasmaniveau gedurende 24 uur te bereiken, wat de bloeddrukcontrole gelijkmatiger maakt en het risico op elektrolytverstoringen verder vermindert. Combinatietherapie: indapamide kan worden gecombineerd met ACE-remmers (perindopril, ramipril, lisinopril), angiotensine-II-receptorblokkers (losartan, irbesartan, valsartan) of calciumantagonisten (amlodipine, lercanidipine) voor aanvullende bloeddrukdaling. Vaste combinatiepreparaten met perindopril (Coversyl Plus) zijn beschikbaar. Nierinsufficiëntie: bij een eGFR tussen 30 en 60 ml/min/1,73 m2 kan indapamide worden gebruikt maar is nauwgezette monitoring van elektrolyten en nierfunctie vereist. Bij eGFR onder 30 ml/min/1,73 m2 is indapamide gecontra-indiceerd. Bij diuretische resistentie bij matige nierinsufficiëntie kan overschakelen op een lisdiureticum (furosemide) noodzakelijk zijn. Leverinsufficiëntie: bij lichte tot matige leverinsufficiëntie is voorzichtigheid geboden. Hypokaliemie en hypernatriemie kunnen hepatische encefalopathie uitlokken. Bij ernstige leverinsufficiëntie is indapamide gecontra-indiceerd. Ouderen: geen routinematige dosisaanpassing nodig op basis van leeftijd alleen, maar let op verminderde nierfunctie, verminderd totaal lichaamswater en grotere gevoeligheid voor elektrolytverstoringen. Begin met de laagste beschikbare dosis. Orthostase en het valrisico dienen te worden besproken. Kinderen en adolescenten (jonger dan 18 jaar): indapamide is niet geregistreerd en wordt niet aanbevolen bij kinderen.

Bijwerkingen en waarschuwingen

Indapamide heeft over het algemeen een gunstig bijwerkingenprofiel en wordt goed verdragen bij de aanbevolen doses. De meest klinisch relevante bijwerkingen zijn elektrolytverstoringen. Zeer vaak (meer dan 1 op de 10 gebruikers): Asymptomatische hypokaliemie kan optreden bij langdurig gebruik, met name bij hogere doses of bij combinatie met andere kaliumminderende geneesmiddelen (corticosteroïden, laxantia, amfotericine B). Controleer kalium voor en tijdens behandeling. Bij een serumkalium onder 3,4 mmol/l dient de behandeling te worden herbeoordeeld of kaliumsuppletie overwogen. Vaak (1 op de 10 tot 1 op de 100 gebruikers): Hyperurikemie (verhoogd urinezuur) kan optreden door verminderde renale urinezuurklaring; symptomatische jicht is zeldzamer. Hyponatriemie, met name bij ouderen of patienten met een lage natriumspiegel voor de start van de behandeling. Verhoogde serumcreatinine-waarden die bij de meeste patienten reversibel zijn na staken van de behandeling. Hoofdpijn, duizeligheid en vermoeidheid zijn gemeld door een deel van de gebruikers. Soms (1 op de 100 tot 1 op de 1000 gebruikers): Orthostatische hypotensie, met name bij het starten van de behandeling of na dosisverhoging, kan leiden tot vallen en fracturen bij ouderen. Nausea, braken en droogheid van de mond. Spierzwakte, krampen en myalgie als uitingen van hypokaliemie. Huidreacties zoals maculopapuleus exantheem, urticaria en pruritus zijn beschreven. Fotosensitisatie: verhoogde gevoeligheid voor UV-straling, wat kan leiden tot zonnebrand of huiduitslag na blootstelling aan de zon. Bloeddrukdaling bij starten van de behandeling, met name bij volumedepletie of combinatie met andere antihypertensiva. Zelden (minder dan 1 op de 1000 gebruikers): Ernstige huidreacties zoals Stevens-Johnsonsyndroom, toxische epidermale necrolyse en purpura zijn uiterst zeldzaam gemeld. Leverfunctiestoornissen en icterus zijn incidenteel beschreven. Ernstige hyponatriemie (serumnatrium onder 125 mmol/l), met name bij ouderen en vrouwen, kan leiden tot verwardheid, convulsies en coma. Agranulocytose, trombocytopenie en hemolytische anemie zijn zeldzame hematologische bijwerkingen, mogelijk door immunologische kruisreactie met andere sulfonamiden. Hypomagnesiemie kan optreden bij langdurig gebruik. QT-verlenging en ventriculaire aritmie (torsades de pointes) zijn zeldzaam maar klinisch relevant bij gelijktijdige hypokaliemie. Metabole effecten: in tegenstelling tot hydrochloorthiazide heeft indapamide bij therapeutische doses (1,5-2,5 mg) geen klinisch significante effecten op nuchtere glucose, HbA1c, totaalcholesterol, LDL-cholesterol of triglyceriden. Dit maakt indapamide gunstiger dan klassieke thiazidediuretica bij patienten met diabetes mellitus type 2, het metabool syndroom of dyslipidemie. Meld bijwerkingen bij Lareb (lareb.nl), het Nederlands geneesmiddelenbewakingscentrum.

Indapamide dient met voorzichtigheid te worden gebruikt bij patienten met een risico op elektrolytverstoringen. Voor en tijdens de behandeling dienen serumkalium, serumnatrium, serummagnesium en nierfunctie te worden gecontroleerd.

Hypokaliemie vergroot het risico op hartritmestoornissen, met name bij gelijktijdig gebruik van digoxine of bij patienten met een verlengd QT-interval.

Ernstige nierinsufficiëntie: indapamide is gecontra-indiceerd bij een eGFR onder 30 ml/min/1,73 m2.

Bij matige nierinsufficiëntie (eGFR 30-60 ml/min/1,73 m2) dient de nierfunctie nauwlettend te worden gevolgd, met name bij combinatie met ACE-remmers of ARB's, waarbij het risico op acute achteruitgang van de nierfunctie bestaat.

Geneesmiddeleninteracties: combinatie van indapamide met lisdiuretica (furosemide) vergroot het risico op ernstige elektrolytverstoringen.

Combinatie met antiaritmica die QT-interval verlengen (amiodaron, sotalol, disopyramide, kinidine) en gelijktijdige hypokaliemie vergroot het risico op ventriculaire aritmie.

Lithium: indapamide verhoogt de plasmaspiegel van lithium door verminderde renale klaring; combinatie is te vermijden of vereist nauwgezette lithiumspiegelbepaling.

NSAIDs (met name indomethacine) kunnen de antihypertensieve werking van indapamide verminderen en het risico op nierschade vergroten.

Kaliumsparende diuretica (spironolacton, eplerenon) en kaliumsupplementen geven risico op hyperkaliemie bij combinatie met renine-angiotensine-aldosteronstelselremmers. Fotosensitisatie: patienten dienen gewaarschuwd te worden voor verhoogde gevoeligheid voor UV-straling.

Vermijd overmatige blootstelling aan de zon; gebruik beschermende kleding en zonnebrandcreme met hoge SPF. Sulfonamide-kruisallergie: indapamide bevat een sulfonamide-groep.

Bij patienten met een bekende allergie voor sulfonamiden (sulfonamide-antibiotica zoals trimethoprim-sulfamethoxazol) is voorzichtigheid geboden, hoewel kruisallergie klinisch zeldzaam is.

Zwangerschap en borstvoeding: indapamide wordt niet aanbevolen tijdens de zwangerschap. Diuretica kunnen het plasmavolume verminderen en foetale ischemie veroorzaken.

Het is onbekend of indapamide in de moedermelk overgaat; gebruik tijdens borstvoeding wordt afgeraden. Overleg altijd met uw arts bij een kinderwens of tijdens een zwangerschap.

Bij acute overdosering of vergiftiging: contact opnemen met het Vergiftigingen Informatie Centrum (0800-0099) of in spoedeisende gevallen 112 bellen.

Symptomen van overdosering zijn hypotensie, elektrolytverstoringen, nausea, braken, kramp en in ernstige gevallen bewustzijnsdaling.

Vergelijk vergelijkbare medicijnen

Amlodipine Amlodipine is een calciumkanaalblokker van de dihydropyridine-klasse die wordt voorgeschreven voor de behandeling van hypertensie (hoge bloeddruk) en stabiele angina pect Bisoprolol Bisoprolol is een selectieve bèta-1-receptorblokker die de hartfrequentie verlaagt, de bloeddruk vermindert en de zuurstofbehoefte van het hart verlaagt.

In Nederland voo Candesartan Candesartan is een angiotensine-II-receptorblokker (ARB) die de bloeddruk verlaagt door de vaatvernauwende werking van angiotensine II te blokkeren.

In Nederland wordt he Enalapril Enalapril is een ACE-remmer (angiotensineconverterend-enzymremmer) die wordt voorgeschreven voor hypertensie, chronisch hartfalen en asymptomatische linkerventrikel-disfu Furosemide Furosemide is een lisdiureticum dat de natriumchloridereabsorptie in de lis van Henle remt via blokkade van het NKCC2-transporter.

Het is geregistreerd door het CBG voor Hydrochloorthiazide Hydrochloorthiazide is een thiazidediureticum dat de natriumterugresorptie in de nieren remt, waardoor de bloeddruk daalt en overtollig vocht wordt uitgescheiden.

Het wor Irbesartan Irbesartan is een angiotensine-II-receptorblokker (ARB) die de bloeddruk verlaagt door blokkade van de AT1-receptor.

Het CBG heeft irbesartan geregistreerd voor de behand Lisinopril Lisinopril is een ACE-remmer (angiotensine-converterend enzym-remmer) die wordt ingezet voor de behandeling van hypertensie, hartfalen, bescherming na een hartinfarct en

Behandelcategorieën

Vergelijk ook deze medicijnen

Verder verkennen