Eliquis
Eliquis (apixaban): factor Xa-remmer voor antitrombotisch beleid
Eliquis (apixaban) is een directe factor Xa-remmer (DOAC: Direct Oral Anticoagulant) geregistreerd door het CBG voor preventie van VTE na heup- of knievervangingsoperatie, behandeling en secundaire preventie van diepe veneuze trombose (DVT) en longembolie (LE), en preventie van beroerte en systemische embolie bij niet-valvulair boezemfibrilleren.
Tweemaal daags ingenomen tablet, zonder routinematige INR-monitoring.
Wilt u Eliquis kopen zonder recept?
Via Prescriptsy kunt u Eliquis bestellen met een online consult. Onze erkende partnerapotheken leveren originele medicijnen met discrete verzending.
Eliquis on Prescriptsy
Eliquis wordt op Prescriptsy beschreven als onafhankelijke productinformatie.
U leest hier hoe online consultatie werkt, welke medische controles partnerklinieken uitvoeren en welke factoren u kunt vergelijken voordat u een aanbieder kiest.
Wij verkopen zelf geen medicatie, maar helpen u erkende zorgpartners te vergelijken op prijs, leveringssnelheid, service en betrouwbaarheid.
Eliquis (apixaban) is een directe orale anticoagulans (DOAC) die factor Xa selectief en reversibel remt, een centraal enzym in de stollingscascade.
Het CBG heeft apixaban geregistreerd voor meerdere indicaties: preventie van veneuze trombo-embolie (VTE) na orthopedische chirurgie, behandeling en secundaire preventie van diepe veneuze trombose (DVT) en longembolie (LE), en preventie van beroerte en systemische embolie bij patiënten met niet-valvulair boezemfibrilleren (NVAF).
Apixaban vervangt in toenemende mate de klassieke vitamine K-antagonisten (warfarine, acenocoumarol, fenprocoumon) vanwege de voorspelbare farmacokinetiek, de vaste dosering zonder routinematige bloedcontroles en het gunstige veiligheidsprofiel dat uit de ARISTOTLE-studie bleek.
Prescriptsy werkt samen met BIG-geregistreerde artsen die de indicatie voor Eliquis beoordelen en het geneesmiddel voorschrijven wanneer dit medisch geïndiceerd is. Aanverwante anticoagulantia op onze website zijn Xarelto (rivaroxaban) en Lixiana (edoxaban).
Achtergrond van antistolling en boezemfibrilleren in Nederland
Boezemfibrilleren (atriumfibrilleren, AF) is de meest voorkomende hartritmestoornis in Nederland. Naar schatting hebben meer dan 300.000 Nederlanders boezemfibrilleren; dit aantal neemt toe door vergrijzing.
Bij boezemfibrilleren contraheert het boezemmyocardium chaotisch, wat leidt tot trage, turbulente bloedstroom in het linker hartoortje (LAA).
Dit bevordert trombusvoming in het LAA; losraken van deze trombus is de voornaamste oorzaak van embolisch herseninfarcten bij AF-patiënten.
Boezemfibrilleren verhoogt het risico op beroerte met een factor 5 en is verantwoordelijk voor circa 15-20% van alle herseninfarcten in Nederland.
De indicatie voor orale anticoagulantia bij NVAF wordt bepaald aan de hand van de CHA2DS2-VASc score, die risicofactoren voor beroerte weegt (hartfalen, hypertensie, leeftijd, diabetes, eerdere beroerte/TIA, vasculaire ziekte, vrouwelijk geslacht).
De NHG-standaard Atriumfibrilleren en de ESC-richtlijn boezemfibrilleren adviseren DOAC's als voorkeursmiddelen boven VKA's bij patiënten met NVAF, tenzij de patiënt een mechanische klepprothese heeft (waarbij VKA verplicht blijft).
De Trombosedienst Nederland speelt een centrale rol in de monitoring van VKA-gebruik, maar DOAC-gebruikers hoeven in principe niet bij de trombosedienst ingeschreven te zijn, wat een praktisch voordeel is.
Patiënten met DOAC's dienen echter wel jaarlijkse controles te ontvangen van nierfunctie, leverfunctie, bloeddruk en recente medicatielijst.
Werkzame stof apixaban en de stollingscascade
De stollingscascade is een complexe keten van enzymreacties die resulteert in de vorming van het fibrinestolsel.
De cascade omvat een intrinsieke en een extrinsieke pathway die beide samenkomen in de gemeenschappelijke pathway ter hoogte van factor Xa.
Factor Xa vormt samen met factor Va, fosfolipidemembranen en calciumionen het protrombinasecomplex, dat protrombine (factor II) omzet naar trombine (factor IIa).
Trombine is het centrale effector-enzym dat fibrinogeen klieft naar fibrine en plaatjes activeert.
Apixaban bindt de actieve site van factor Xa met hoge selectiviteit en reversibel (Kd circa 0,08 nM).
Het remt zowel vrij factor Xa als factor Xa gebonden in het protrombinasecomplex.
Door factor Xa te blokkeren vermindert apixaban de trombinemvorming en daarmee fibrinestolselvorming op een punt bovenstrooms in de cascade, wat een breed en effectief antistollend effect geeft zonder directe trombineremming (verschil met dabigatran).
Apixaban heeft geen direct effect op plaatjesaggregatie. Dit onderscheidt DOAC's van antiplaatjesmiddelen zoals aspirine en clopidogrel, die via andere mechanismen werken. Combinatie van apixaban met antiplaatjesmiddelen verhoogt het bloedingsrisico additief zonder bij de meeste indicaties additioneel werkzaamheidsvoordeel te geven.
Farmacokinetiek van apixaban
Apixaban wordt snel en goed geresorbeerd uit het maagdarmkanaal, met een orale biobeschikbaarheid van circa 50%. De maximale plasmaconcentratie wordt bereikt 3 tot 4 uur na inname.
De halfwaardetijd bedraagt 8 tot 15 uur bij gezonde proefpersonen, wat tweemaal daagse dosering noodzakelijk maakt voor een stabiele antistollende werking gedurende 24 uur.
Apixaban wordt gemetaboliseerd door CYP3A4 en CYP3A5 (circa 25% van de eliminatie) en heeft ook directe renale uitscheiding (circa 27%) en fecale uitscheiding.
De beperkte renale klaring is een voordeel bij patiënten met matige nierfunctiestoornis in vergelijking met dabigatran, dat sterk renaal wordt geklaard.
Apixaban is ook een substraat voor P-glycoproteïne (P-gp), wat interacties met P-gp-remmers en -inductoren relevant maakt.
Bij ouderen is er een toename van de plasmaconcentratie van apixaban, met name door verminderde nierfunctie.
Bij patiënten met een laag lichaamsgewicht (onder 50 kg) zijn hogere plasmaconcentraties beschreven.
Beide kenmerken zijn verdisconteerd in de dosisreductiecriteria voor de NVAF-indicatie (2 van 3 criteria: leeftijd 80+, gewicht 60 kg of minder, creatinine 133 micromol/l of hoger).
Klinische effectiviteit van apixaban
De ARISTOTLE-studie (Apixaban for Reduction in Stroke and Other Thromboembolic Events in Atrial Fibrillation) is de pivotale registratiestudie voor apixaban bij NVAF.
In deze dubbelblinde gerandomiseerde studie bij 18.201 patiënten met NVAF en minimaal één risicofactor voor beroerte, verminderde apixaban 5 mg tweemaal daags de incidentie van beroerte of systemische embolie met 21% ten opzichte van warfarine (1,27% versus 1,60% per jaar, RR 0,79, 95% CI 0,66-0,95, p=0,01 voor superioriteit).
Tegelijkertijd verminderde apixaban majeure bloedingen met 31% (2,13% versus 3,09% per jaar) en verlaagde het de totale sterfte met 11%, waarbij de verlaging van intracraniaal bloeden met 49% het meest opvallende veiligheidssignaal was.
De AMPLIFY-studie (n=5395) bevestigde non-inferioriteit van apixaban (10 mg tweemaal daags gedurende 7 dagen, daarna 5 mg tweemaal daags) voor behandeling van acute DVT en LE ten opzichte van conventionele therapie (LMWH gevolgd door warfarine), met een significant lagere incidentie van majeure bloedingen (0,6% versus 1,8%).
De AMPLIFY-EXT studie onderbouwde de effectiviteit en veiligheid van de secundaire preventiedosis (2,5 mg tweemaal daags) gedurende 12 maanden na de initiële behandeling.
Eliquis bij DVT en longembolie
DVT (diepe veneuze trombose) en LE (longembolie) zijn manifestaties van hetzelfde ziekteproces: veneuze trombo-embolie (VTE).
In Nederland worden jaarlijks circa 20.000 tot 25.000 mensen opgenomen of behandeld voor VTE.
Risicofactoren zijn immobilisatie, chirurgie, maligniteit, zwangerschap, oestrogeen-bevattende anticonceptie, erfelijke trombofilie (factor V Leiden, proteïne C/S-deficiëntie) en eerdere VTE.
Apixaban biedt een vereenvoudigd behandelschema ten opzichte van de klassieke aanpak (LMWH gevolgd door VKA).
De initiële fase van 7 dagen met 10 mg tweemaal daags vervangt de parenterale LMWH-injectie, wat voor de patiënt comfortabeler is en intramurale opname in veel gevallen overbodig maakt.
Na de initiële fase wordt 5 mg tweemaal daags gedurende minimaal 3 maanden gegeven, gevolgd door individuele afweging van continuering (2,5 mg tweemaal daags of stoppen).
De beslissing over duur van antistolling na VTE is een klinische afweging waarbij het risico op recidief-VTE (hoog bij maligniteit, erfelijke trombofilie, idiopathische VTE) wordt afgewogen tegen het bloedingsrisico (beoordeeld met de HAS-BLED of VTE-BLEED score).
Deze beslissing wordt doorgaans genomen door de behandelend internist of hematoloog in overleg met de patiënt, met betrokkenheid van de trombosedienst.
DOAC's versus VKA's: context in de Nederlandse zorgpraktijk
Vitamine K-antagonisten (VKA) zoals acenocoumarol en fenprocoumon zijn in Nederland historisch dominant geweest voor orale antistolling, ondersteund door de Trombosedienst die INR-controles en dosisaanpassingen verzorgt.
De introductie van DOAC's heeft de praktijk veranderd: vaste doseringen, geen routinematige bloedcontroles, voorspelbare farmacokinetiek en minder voedselinteracties (geen vitamine K-rijke voeding te vermijden) zijn praktische voordelen.
De keuze tussen DOAC en VKA is individueel.
VKA's blijven geïndiceerd bij patiënten met een mechanische hartklepprothese of matige tot ernstige mitralisklepstenose (waarvoor DOAC's niet geregistreerd zijn), bij patiënten met ernstige nierfunctiestoornis (eGFR minder dan 15 ml/min) en in sommige gevallen bij patiënten met antifosfolipidensyndroom.
Bij de overige indicaties (NVAF, VTE) zijn DOAC's de aanbevolen eerstekeuze conform ESC- en NHG-richtlijnen.
Omschakeling van een VKA naar apixaban dient zorgvuldig te worden begeleid. De Trombosedienst of de behandelend arts coördineert de overgang.
Het is van belang dat de patiënt niet gedurende een periode zonder adequate anticoagulantia valt (ondercoagulatie-risico bij VTE/NVAF) maar ook niet overmatig anticoagulantia krijgt (dubbel bloedingsrisico).
Vergoeding van Eliquis in Nederland (Zorgverzekeringswet)
Eliquis (apixaban) is opgenomen in het verzekerd pakket van de Zorgverzekeringswet (Zvw) voor de geregistreerde indicaties.
Het geneesmiddel valt in de categorie "preferentiebeleid" van veel zorgverzekeraars: sommige zorgverzekeraars vergoeden een specifieke DOAC als voorkeursmiddel.
Bij gebruik van Eliquis voor een geregistreerde indicatie en conform het beleid van de zorgverzekeraar wordt de eigen bijdrage verrekend met het eigen risico (standaard eigen risico 2025: 385 euro per jaar).
Raadpleeg uw zorgverzekeraar of apotheker voor actuele vergoedingsinformatie.
Bijwerkingen van Eliquis
Bloedingen zijn de meest relevante bijwerkingen van apixaban en van alle anticoagulantia.
Het bloedingsrisico van apixaban is in vergelijkende studies (versus warfarine in ARISTOTLE) significant lager gebleken voor majeure bloedingen en intracranieel bloeden, maar hoger dan placebo.
Bloedingen kunnen licht zijn (neusbloeden, hematomen, langere bloedingstijd na kleine verwondingen) of ernstig tot levensbedreigend (intracraniaal, gastro-intestinaal, retroperitoneaal).
Gastro-intestinale bijwerkingen anders dan bloedingen (misselijkheid, braken, buikpijn) zijn beschreven bij een deel van de gebruikers. Overgevoeligheidsreacties, inclusief huiduitslag en zeldzame anafylaxie, zijn gemeld in post-marketing surveillance.
Praktische adviezen voor gebruik van Eliquis
Neem Eliquis altijd precies in zoals uw arts het heeft voorgeschreven. Sla geen dosis over.
Bij het missen van een dosis: neem deze in zodra u het realiseert, tenzij het al bijna tijd is voor de volgende dosis. Verdubbel nooit de dosis.
Stel een dagelijkse herinnering in op uw telefoon om vergeten doses te voorkomen; bij antistolling is therapietrouw letterlijk een zaak van veiligheid.
Draag altijd uw anticoagulantia-patiëntenkaart bij u. Vermeld bij iedere zorgcontact (tandarts, specialist, spoedeisende hulp, ambulance) dat u apixaban gebruikt. Dit is essentieel voor veilige medische zorg bij noodgevallen en ingrepen.
Informeer uw arts of apotheker over alle andere geneesmiddelen die u gebruikt, inclusief vrij verkrijgbare pijnstillers (ibuprofen, aspirine), sint-janskruidpreparaten en vitaminesupplementen. Combinaties met andere bloedverdunners of NSAID's verhogen het bloedingsrisico sterk.
Controleer regelmatig op tekenen van bloeding: ongewone blauwe plekken, rood, roze of bruin gekleurde urine, rood of zwart gekleurde ontlasting, bloed ophoesten of ernstige hoofdpijn.
Bij deze klachten contact opnemen met uw arts. Bij ernstige bloeding of vermoeden van intracraniaal bloeden: bel onmiddellijk 112.
Stop nooit zelfstandig met apixaban zonder overleg met uw arts. Plotseling stoppen verhoogt het risico op een beroerte of trombosenrecidief sterk, met name bij boezemfibrilleren. Altijd overleg plegen voor geplande ingrepen of als u bijwerkingen ervaart.
Bij vragen over uw antistolling: neem contact op met uw huisarts, cardioloog, internist of apotheker. In spoedeisende situaties belt u 112. Voor vergiftigingsvragen belt u het Vergiftigingen Informatie Centrum: 0800-0099 (24/7 bereikbaar).
Vergelijk vergelijkbare medicijnen
Lixiana Lixiana (edoxaban) is een directe factor Xa-remmer (DOAC) die wordt gebruikt voor de preventie en behandeling van veneuze trombo-embolie (VTE) en voor de preventie van be Xarelto Xarelto bevat rivaroxaban, een directe orale factor Xa-remmer (DOAC) voor de preventie en behandeling van veneuze trombo-embolie (VTE) en beroertepreventie bij niet-valvu