Lantus

Lantus (insuline glargine): originele langwerkende basaalinsuline

Lantus bevat insuline glargine 100 E/ml, een langwerkend basaalinsuline dat door Sanofi is ontwikkeld voor eenmaal daagse subcutane toediening.

Het CBG heeft Lantus geregistreerd voor de behandeling van diabetes mellitus type 1 en type 2 bij volwassenen en kinderen vanaf 2 jaar.

Insuline glargine vervangt de basale insulineproductie van de pancreas en biedt een vlak, piekvrij werkingsprofiel gedurende 24 uur.

Wilt u Lantus kopen zonder recept?

Via Prescriptsy kunt u Lantus bestellen met een online consult. Onze erkende partnerapotheken leveren originele medicijnen met discrete verzending.

Lantus on Prescriptsy

Lantus wordt op Prescriptsy beschreven als onafhankelijke productinformatie.

U leest hier hoe online consultatie werkt, welke medische controles partnerklinieken uitvoeren en welke factoren u kunt vergelijken voordat u een aanbieder kiest.

Wij verkopen zelf geen medicatie, maar helpen u erkende zorgpartners te vergelijken op prijs, leveringssnelheid, service en betrouwbaarheid.

Lantus is een langwerkend basaalinsuline dat insuline glargine 100 E/ml als werkzame stof bevat.

Het is ontwikkeld door Sanofi als een recombinant humaan insuline analoog dat door twee modificaties in de aminozuurvolgorde (glycine op positie A21 en twee extra arginineresiduen aan de C-terminus van de B-keten) een uniek farmacokinetisch profiel heeft gekregen: een vlakke, piekvrije insulineblootstelling gedurende 20 tot 24 uur na subcutane injectie.

Het CBG heeft Lantus geregistreerd voor de behandeling van diabetes mellitus type 1 en type 2 bij volwassenen en kinderen vanaf twee jaar.

Lantus is verkrijgbaar als SoloStar injectiepennen van 3 ml (100 E/ml, 300 eenheden per pen) en als flacon van 10 ml.

Basaalinsuline is een essentieel onderdeel van de behandeling van diabetes mellitus type 1, waarbij de pancreas geen insuline meer aanmaakt, en van een substantieel deel van de behandeling van diabetes mellitus type 2, waarbij de basale insulinesecretie onvoldoende is geworden om de glucosehomeostase te handhaven.

Lantus simuleert de constante lage basale insulineafgifte van de gezonde bèta-cel en vormt daarmee de grondslag voor effectieve bloedglucoseregulatie.

Prescriptsy werkt samen met CBG-geregistreerde artsen die online consulten uitvoeren voor diabetespatienten. Meer informatie over verwante middelen vindt u op onze pagina over Levemir (insuline detemir) en Toujeo (insuline glargine 300 E/ml).

Werkzame stof en farmacologische classificatie van Lantus

Insuline glargine (ATC-code A10AE04) is een recombinant humaan insuline analoog dat wordt geproduceerd via DNA-recombinanttechnologie in Escherichia coli K12.

De twee strukturele modificaties ten opzichte van humaan insuline bewerkstelligen dat insuline glargine bij fysiologische pH precipiteert als microcrystallijn depot in het subcutane weefsel.

Vanuit dit depot wordt het geleidelijk en in een constant tempo opgelost, waardoor de bloedconcentraties van insuline glargine over 24 uur nagenoeg constant zijn zonder een uitgesproken piek.

Dit contrasterende profiel met NPH-insuline (isofaaninsuline, met een duidelijke piek 4 tot 8 uur na injectie) maakt Lantus minder gevoelig voor timing van maaltijden en heeft in gerandomiseerde studies geresulteerd in een lager risico op (met name nachtelijke) hypoglykemie in vergelijking met NPH-insuline bij vergelijkbare HbA1c-reductie.

Insuline glargine wordt na subcutane absorptie in de circulatie gedeeltelijk afgebroken tot twee actieve metabolieten (M1 en M2) die beide insulinereceptorbinding vertonen vergelijkbaar met humaan insuline.

De werkzaamheid van Lantus wordt dan ook deels gerealiseerd via deze metabolieten.

Insuline glargine en zijn metabolieten hebben geen wezenlijk onderscheiden bindingsprofiel voor de insuline-achtige groeifactor-1-receptor (IGF-1R) ten opzichte van humaan insuline in de klinisch relevante concentratieranges.

Geregistreerde indicaties voor Lantus

Lantus is geregistreerd voor de volgende indicaties:

  • Diabetes mellitus type 1 bij volwassenen en kinderen vanaf twee jaar, als onderdeel van een basaal-boluschema in combinatie met kortwerkend (maaltijds-)insuline. Type 1 diabetes is een auto-immuunziekte waarbij de bèta-cellen van de pancreas zijn vernietigd en endogene insulineproductie volledig ontbreekt; exogene insuline is levensnoodzakelijk.
  • Diabetes mellitus type 2 bij volwassenen, als basaalinsuline toegevoegd aan orale glucoseverlagende middelen (metformine, DPP-4-remmers, SGLT-2-remmers, sulfonylureum) of als onderdeel van een intensief insulineschema (basaal-bolus of premixed insuline), wanneer orale therapie onvoldoende glucoseregulatie biedt
  • Diabetes mellitus type 2 bij adolescenten, onder supervisie van een kinderarts of diabetoloog

Effectiviteit en klinische studies

De werkzaamheid van Lantus is aangetoond in een groot aantal gerandomiseerde, gecontroleerde studies (RCT's) bij zowel type 1 als type 2 diabetes.

In het TREAT-onderzoek, het LANMET-onderzoek en meerdere ORIGIN-substudies is aangetoond dat Lantus vergelijkbare of betere HbA1c-reductie bereikt als NPH-insuline bij type 2 diabetes, met een significant lager risico op nachtelijke hypoglykemie.

Bij type 1 diabetes bevestigen studies zoals DCCT-uitlopers dat intensieve insulinetherapie met basaalinsuline plus maaltijdsinsuline de ontwikkeling van microvasculaire complicaties (retinopathie, nefropathie, neuropathie) significant vertraagt in vergelijking met conventionele tweemaal daagse insuline.

De ORIGIN-studie (meer dan 12.500 patienten met dysglykemie) onderzocht of vroeg gestart basaalinsuline cardiovasculaire voordelen bood; de primaire cardiovasculaire uitkomst verschilde niet significant van placebo, maar Lantus was veilig en verbeterde glucoseregulatie.

Insuline glargine en kanker: er was aanvankelijk discussie over een mogelijk verhoogd risico op maligniteiten door de IGF-1R-bindingsaffiniteit van insuline glargine. Uitgebreide post-marketingstudies, waaronder de ORIGIN-studie, hebben geen verhoogd kankerrisico aangetoond bij gebruik van Lantus in de aanbevolen doses.

Dosering en titratie van Lantus

De dosering van Lantus is strikt individueel en vereist begeleiding door een diabetesverpleegkundige of arts.

Bij type 2 diabetes is de startdosis doorgaans 10 eenheden eenmaal daags of 0,1 tot 0,2 E/kg lichaamsgewicht.

Titratie vindt plaats in stappen van 2 eenheden elke drie dagen op basis van de nuchtere bloedglucosewaarden totdat de streefwaarde (nuchter 4,0-7,0 mmol/L conform NDF-zorgstandaard) is bereikt.

Bij type 1 diabetes is Lantus het basaalonderdeel van een basaal-boluschema en bedraagt de basaaldosis doorgaans 40 tot 50 procent van de totale dagdosis insuline.

De maaltijdsdosis kortwerkend insuline wordt afzonderlijk aan de maaltijden aangepast (koolhydraattelling of vaste doses per maaltijd).

Het tijdstip van injectie van Lantus kan door de patient in overleg met de arts worden gekozen, maar dient elke dag hetzelfde te zijn.

Toediening 's avonds voor het slapengaan is gebruikelijk bij patienten die 's ochtends een hoge nuchtere bloedglucose hebben (dawn phenomenon).

Injectietechniek en hulpmiddelen

Lantus is beschikbaar in de SoloStar-pen, een voorgevulde wegwerppen die eenvoudig in gebruik is.

Insulinenaalden dienen slechts eenmaal te worden gebruikt en moeten na elke injectie worden verwijderd om besmetting en verstopte naalden te voorkomen.

De naaldlengte (4 mm, 6 mm, 8 mm) dient te worden afgestemd op het lichaamsgewicht en de injectieplaats in overleg met de diabetesverpleegkundige.

Injectieplaatsen dienen systematisch te worden geroteerd; een veelgebruikt systeem is het verdelen van de buik in kwadranten en elke week van kwadrant te wisselen.

Lipohypertrofie (vetklonters door herhaald injecteren op dezelfde plek) leidt tot onregelmatige insulineabsorptie en is een onderschatte oorzaak van slecht gereguleerde diabetes. Inspecteer de injectieplaatsen regelmatig.

Hypoglykemie: herkennen en behandelen

Hypoglykemie is de meest relevante bijwerking van insuline.

Milde hypoglykemie (trillen, zweten, hartkloppingen, honger, concentratieverlies) wordt behandeld met 15 tot 20 gram snelwerkende koolhydraten (drie tot vier suikertabletten of 150 ml vruchtensap).

Na 15 minuten de bloedglucose opnieuw meten; bij aanhoudende hypoglykemie herhalen.

Ernstige hypoglykemie (bewustzijnsverlies, krampend) vereist glucagontoediening (intranasaal glucagon of injectie) door een familielid of hulpverlener, gevolgd door het bellen van 112.

Patienten dienen altijd een hypoglykemie-setje bij zich te dragen en familieleden en naaste collega's te informeren over de symptomen en behandeling van hypoglykemie. De NDF-zorgstandaard Diabetes en de KNMG-rijgeschiktheidsrichtlijnen beschrijven de verplichtingen voor automobilisten die insuline gebruiken.

Bijzondere situaties: ziekte, sport en reizen

Bij ziekte (koorts, infectie): de insulinebehoefte neemt gewoonlijk toe ondanks verminderde voedselinname; stop insuline nooit zomaar bij ziekte maar neem contact op met de diabetesverpleegkundige voor een ziek-dagprotocol. Frequentere glucosemeting en ketonecontrole (bij type 1 diabetes) zijn aangewezen.

Bij intensieve lichamelijke activiteit: de insulinebehoefte daalt door verhoogde insulinegevoeligheid van spierweefsel. Pas de dosis aan in overleg met de diabetesverpleegkundige; meet glucose voor, tijdens (bij intensieve inspanning) en na het sporten.

Bij reizen over tijdzones: stem het tijdstip van Lantus-injectie af op het lokale tijdstip op de bestemming, maar maak de overgang geleidelijk.

Bewaar insuline koel; gebruik een insuline-koeltasje voor langere reizen. Neem altijd voldoende insuline en naalden mee als reservevoorraad in de handbagage (met medisch attest).

Zelfmanagement bij diabetes: technologie en monitoring

Effectief gebruik van Lantus is onlosmakelijk verbonden met adequate bloedglucosemonitoring. In Nederland zijn twee hoofdmethoden beschikbaar:

  • Zelfmeting van bloedglucose (SMBG) met een glucosemeter en vingerprikjes: de standaardmethode voor type 2 diabetespatienten die insuline gebruiken. Meting nuchter (voor de ochtendmaaltijd), voor de maaltijd en soms twee uur na de maaltijd geeft inzicht in de effectiviteit van de basaalinsuline en de maaltijdsdoses.
  • Continue glucosemeting (CGM) met een sensor die elke paar minuten de glucoseconcentratie meet in het onderhuidse interstitium: de standaard bij type 1 diabetes en bij type 2 diabetespatienten met intensief insulineschema. CGM-systemen zoals de FreeStyle Libre (Abbott) of de Dexcom G-serie geven real-time glucosewaarden en trendpijlen die snelle bijstelling van de insulinedosis mogelijk maken. De Zvw vergoedt CGM bij type 1 diabetes volledig; bij type 2 diabetes gelden aanvullende criteria.

Geavanceerde technologie zoals insulinepompen (CSII, continuous subcutaneous insulin infusion) met of zonder automatische dosisaanpassing (hybrid closed-loop systemen of "artificial pancreas") worden in Nederland vergoed bij specifieke indicaties, met name type 1 diabetes met aantoonbaar onvoldoende glucoseregulatie of hyperglykemie-gerelateerde kwaliteitsvermindering van leven.

De internist-diabetoloog of kinderarts-diabetoloog begeleidt de keuze en instelling van geavanceerde insulinesystemen.

Insuline glargine biosimilars: alternatieven voor Lantus

Sinds het verlopen van het octrooirecht op insuline glargine zijn in de Europese Unie biosimilars van insuline glargine geregistreerd.

In Nederland zijn Abasaglar (Eli Lilly/Boehringer Ingelheim) en Semglee (Viatris) geregistreerd als biosimilars van Lantus.

Biosimilars zijn geneesmiddelen die vergelijkbaar zijn met het originator (Lantus) in werkzame stof, sterkte, toedieningsvorm en klinische werkzaamheid, maar zijn doorgaans goedkoper.

Het CBG en EMA hebben de klinische gelijkwaardigheid van deze biosimilars vastgesteld op basis van vergelijkende farmacokinetische, farmacodynamische en klinische studies.

Bij overstap van Lantus naar een biosimilar van insuline glargine 100 E/ml dient de dosering in beginsel gelijk te blijven, maar patienten dienen te worden geïnformeerd over de overstap en dienen de glucosespiegel nauwlettend te monitoren in de eerste weken na overstap.

Zorgverzekeraars in Nederland kunnen insuline glargine biosimilars als preferent geneesmiddel aanwijzen.

Toujeo (insuline glargine 300 E/ml, Sanofi) is een hogere concentratie van insuline glargine.

Bij Toujeo is door de hogere concentratie (driemaal hoger dan Lantus) het subcutane depot compacter en de absorptie langzamer, resulterend in een werkingsduur van meer dan 36 uur.

Bij overstap van Lantus 100 E/ml naar Toujeo 300 E/ml dient de dosis met 20 procent te worden verlaagd vanwege de iets langere werkingsduur; altijd medische begeleiding vereist.

Lantus in het Nederlandse zorgstelsel

Lantus is in Nederland uitsluitend op recept verkrijgbaar.

Het is opgenomen in het GVS-Bijlage 1B en wordt vergoed vanuit de basisverzekering (Zvw) bij een geregistreerde indicatie (diabetes mellitus type 1 en type 2).

Het eigen risico (maximaal 385 euro per jaar) is van toepassing.

De diabeteszorg in Nederland is georganiseerd via de zorggroepen die ketenzorg aanbieden conform de NDF-zorgstandaard Diabetes; dit omvat periodieke consultaties bij de huisarts, diabetesverpleegkundige en zo nodig de internist-diabetoloog.

Bijwerkingen kunnen worden gemeld bij Lareb (lareb.nl). Vragen over insulinegebruik kunt u stellen aan uw diabetesverpleegkundige, apotheker (KNMP) of diabetoloog.

Bronnen en richtlijnen

  • CBG SmPC Lantus, cbg-meb.nl
  • NHG-standaard Diabetes mellitus type 2 M01, nhg.org
  • NDF Zorgstandaard Diabetes 2023, diabetesfederatie.nl
  • KNMP Farmacotherapeutisch Kompas insulines, knmp.nl
  • Lareb bijwerkingendatabase insuline glargine, lareb.nl
  • ORIGIN Trial Investigators. Basal insulin and cardiovascular and other outcomes in dysglycemia. N Engl J Med. 2012;367(4):319-328
  • Riddle MC, et al. The Treat-to-Target Trial: randomized addition of glargine or human NPH insulin to oral therapy of type 2 diabetic patients. Diabetes Care. 2003;26(11):3080-3086

Vergelijk vergelijkbare medicijnen

Abasaglar Abasaglar is een biosimilar van insuline glargine, een langwerkend basaalinsuline voor de behandeling van diabetes mellitus type 1 en type 2 bij volwassenen, adolescenten Diamicron Diamicron MR (gliclazide modified release) is een sulfonylureum-derivaat geregistreerd door het CBG voor de behandeling van diabetes mellitus type 2 bij volwassenen, wann Irbesartan Irbesartan is een angiotensine-II-receptorblokker (ARB) die de bloeddruk verlaagt door blokkade van de AT1-receptor.

Het CBG heeft irbesartan geregistreerd voor de behand Janumet Janumet is een combinatietablet met sitagliptine (DPP-4-remmer) en metformine (biguanide) voor de behandeling van diabetes mellitus type 2 bij volwassenen.

Het CBG heeft Jardiance Jardiance bevat empagliflozine, een SGLT2-remmer die overtollige glucose via de urine uitscheidt.

Het CBG heeft Jardiance geregistreerd voor diabetes mellitus type 2, har Jentadueto Jentadueto is een combinatietablet met linagliptine (DPP-4-remmer) en metformine (biguanide) voor de behandeling van diabetes mellitus type 2 bij volwassenen.

Het CBG hee Levemir Levemir bevat insuline detemir 100 E/ml, een langwerkend basaalinsuline analoog dat door Novo Nordisk is ontwikkeld voor eenmaal of tweemaal daagse subcutane toediening.

Metformine Metformine is een biguanide-antidiabeticum dat wordt beschouwd als het geneesmiddel van eerste keus bij diabetes mellitus type 2 (DM2). Het verlaagt de bloedglucosewaarde

Behandelcategorieën

Vergelijk ook deze medicijnen

Verder verkennen